Ambassadeur Iran weigert gesprek over Al-Mansouri

De ambassadeur van Iran heeft vrijdag een gesprek geweigerd met Amnesty en enkele Kamerleden over mensenrechtenactivist Abdoullah Al-Mansouri. Amnesty-directeur Eduard Nazarski laat weten zich geschoffeerd te voelen door de weigering.

Met een demonstratie voor de Iraanse ambassade in Den Haag eiste Amnesty opheldering over Al-Mansouri, die vrijdag twee jaar gevangen zit in Iran. Bij de demonstratie waren onder anderen tientallen familieleden en vrienden van Al-Mansouri aanwezig.

De Kamerleden Martijn van Dam (PvdA), Mariko Peters (GroenLinks) en Fasher Bashir (SP) waren volgens Amnesty teleurgesteld en verontwaardigd over de weigering. Ze vragen op korte termijn een nieuw gesprek aan.

Amnesty en de Kamerleden willen duidelijkheid over de rechtszaak tegen Al-Mansouri. De precieze aanklacht tegen de Maastrichtse mensenrechtenactivist is nog altijd onhelder en ook is niet bekend of hij een eerlijk proces krijgt. Intussen blijft de dreiging van een executie reëel, meldt Amnesty.

Al-Mansouri vluchtte eind jaren tachtig uit Iran na als ‘staatsgevaarlijk’ te zijn betiteld. Hij was veroordeeld voor zijn activiteiten voor de Ahwaz Liberation Organisation (ALO), waarna hij asiel in Nederland kreeg. In 2006 werd hij in Syrië opgepakt, dat hem aan Iran uitleverde. De ALO komt op voor de belangen van de Arabische minderheid in de Iraanse regio Al-Ahwaz en streeft naar onafhankelijkheid van dat gebied.

Bron: Novum, 16 mei 2008

Kamerleden geschoffeerd door Iraanse ambassadeur

Den Haag (ANP) – Tweede Kamerleden Martijn van Dam (PvdA), Farshad Bashir (SP) en Mariko Peters (GroenLinks) voelen zich geschoffeerd door de Iraanse ambassadeur in Nederland. Dat zei Van Dam vandaag.

De Iraanse ambassadeur weigerde hen te woord te staan over de zaak van de Maastrichtse mensenrechtenactivist Abdullah al-Mansouri en liet de Kamerleden en familieleden van al-Mansouri voor een gesloten deur staan. Ook weigerde hij een brief van de Maastrichtse burgemeester Gerd Leers aan te nemen uit handen van mensenrechtenorganisatie Amnesty International.

De Kamerleden willen zich echter niet laten afschepen en sturen een „brief op poten” naar de ambassadeur. Daarin willen ze aangeven dat ze zeer teleurgesteld en ontdaan zijn en zullen ze aankondigen binnenkort weer contact op te nemen om over de in Iran opgesloten mensenrechtenactivist te komen praten, zei Van Dam. De ambassadeur laat zo zien dat Iran de breed in de Kamer gedragen Nederlandse zorgen niet serieus wenst te nemen, stelde hij.

De geboren Iraniër al-Mansouri week in 1988 naar Nederland uit en was sindsdien actief lid van Amnesty. Toen hij door Syrië reisde, pakte de politie van dat land hem op en leverde hem uit aan Iran. Daar wordt hij beschuldigd van terrorisme, omdat hij opkomt voor de Arabische minderheid in Ahwaz, een olierijk door Iran geannexeerd gebied bij de Perzische Golf.

Bron: ANP, 16 mei 2008